De kleuren van het gewestplan, uitgelegd
Rood, geel, paars, groen: het gewestplan werkt met een vaste kleurcode die in heel Vlaanderen hetzelfde is. Wat elke kleur betekent, en waarom de kleur alleen niet genoeg is.
Wie een gewestplan voor het eerst ziet, kijkt naar een lappendeken. De kleuren zijn niet willekeurig gekozen: ze staan vast in het inrichtingsbesluit dat bij de gewestplannen hoort, en ze betekenen in Kortrijk hetzelfde als in Genk.
De hoofdkleuren
Rood staat voor wonen. Fel rood is gewoon woongebied, een zachtere tint kan wijzen op woongebied met landelijk karakter of op woonuitbreidingsgebied. In dat laatste geval gaat het om reservegebied, waar niet zomaar gebouwd mag worden.
Geel is landbouw. Agrarisch gebied is bedoeld voor land- en tuinbouw, en wonen is er alleen toegelaten voor wie het bedrijf uitbaat. Staat er een woning zonder landbouwbedrijf, dan is die zonevreemd.
Groen is de verzamelkleur voor natuur en groen, maar er zitten grote verschillen onder. Een lichte tint kan parkgebied zijn, een donkere natuurgebied of natuurreservaat. Bosgebied heeft zijn eigen kleur en daarbovenop zijn eigen wetgeving via het Bosdecreet.
Paars is bedrijvigheid. Het gewestplan maakt hier fijne onderverdelingen: gewoon industriegebied, milieubelastende industrie, en gebieden voor ambachtelijke bedrijven en kleine en middelgrote ondernemingen. Elk met een eigen toelaatbare hinderklasse.
Blauw is water, grijs is verkeersinfrastructuur, en oranje tot bruin wordt gebruikt voor recreatie en voor gemeenschapsvoorzieningen.
Wat een arcering erbij zegt
Naast de basiskleur werkt het gewestplan met arceringen. De bekendste is die van het landschappelijk waardevol agrarisch gebied: de gele kleur van landbouw, met een raster eroverheen. De landbouwfunctie blijft dezelfde, maar bij een aanvraag weegt de inpassing in het landschap zwaarder mee.
Een andere veelvoorkomende arcering markeert woongebied met cultureel, historische of esthetische waarde. Dat is vaak de historische kern van een stad of dorp. De woonfunctie blijft, maar het uitzicht van het geheel telt mee bij de beoordeling.
De overdruk: een laag boven op de kleur
Los van de arceringen kent het gewestplan een aparte laag met aanvullende voorschriften. Die overdruk legt extra regels bovenop de basisbestemming, en verwijst vaak naar een artikel in het besluit van dat specifieke gewestplan.
Op onze adrespagina tonen we die overdruk apart, met de tekst uit de bron erbij. Het is een van de dingen die je in een gewone kaartviewer makkelijk over het hoofd ziet.
Waarom de kleur niet genoeg is
Dit is het punt waar we niet omheen kunnen: de kleur is een samenvatting, geen regel. Wat er op een perceel is toegelaten, staat in de stedenbouwkundige voorschriften, en die zijn per gewestplan uitgeschreven in een document.
Daar komt bij dat er misschien helemaal geen gewestplan meer geldt op jouw perceel. Ligt er een RUP of een BPA overheen, dan zijn de voorschriften daarvan bepalend en is de gewestplankleur niet meer dan achtergrondinformatie. Lees daarover de uitleg over BPA en APA.
Een kleur opzoeken
Wil je weten wat een specifieke bestemming inhoudt, dan vind je op de bestemmingenpagina alle bestemmingen uit de gewestplanlegende, gegroepeerd per thema, met per bestemming een uitleg en het aantal keer dat ze in Vlaanderen voorkomt.
Zijn de kleuren in heel Belgie hetzelfde?
De basis wel, want de gewestplannen zijn opgesteld onder dezelfde federale wetgeving. Sinds de gewestvorming voeren Vlaanderen, Wallonie en Brussel echter een eigen ruimtelijk beleid, met eigen plantypes. Deze site behandelt alleen Vlaanderen.
Waarom is mijn perceel half rood en half geel?
Omdat een bestemmingsgrens niet stopt bij een kadastrale grens. Plannen zijn getekend op een topografische ondergrond en lopen dwars door percelen heen. Voor elk deel van je perceel geldt dan de bestemming die daar ligt.